![]() |
|
![]() |
Gelijke onderwijskansen in een breder juridisch kader De laatste jaren is heel wat specifieke know how ontwikkeld op het gebied van de ondersteuning en begeleiding van onderwijsleerprocessen van kinderen en jongeren met leerstoornissen. Toch getuigen ouders en leerkrachten nog vaak over onduidelijkheden en onzekerheden over de mate waarin de onderwijsomgeving kan en mag worden afgestemd op wat deze leerlingen nodig hebben.
Recent hebben een aantal juridische kaders het licht gezien die scholen kunnen versterken op dat vlak. In deze inleidende toespraak zullen deze juridsche kaders kort besproken worden en geduid op hun mogelijke implicaties voor de onderwijspraktijk. Theo Mardulier is adviseur bij het departement Onderwijs en Vorming. Hij is orthopedagoog van opleiding, en is binnen het departement werkzaam op de beleidsvoorbereidende afdeling Instellingen en Leerlingen Basisonderwijs en Deeltijds Kunstonderwijs rond het thema "onderwijsbeleid voor leerlingen met specifieke ondersteuningsnoden".
Dyscalculie: een kwalitatief onderzoek naar effectieve interventies. Momenteel zijn er slechts een beperkt aantal studies beschikbaar omtrent effectieve interventies voor dyscalculie. Vanuit het denkkader van evidence-based practice wordt aangegeven dat de meest optimale behandeling voor een bepaald individu bestaat uit de integratie van de best beschikbare wetenschappelijke onderzoeksevidentie, de klinische expertise van de deskundige en de waarden, voorkeuren, karakteristieken en context van de cliënt. Binnen deze lezing richten we ons op de tweede pijler, met name de klinische expertise van therapeuten die lagere schoolkinderen met dyscalculie begeleiden, en pogen we zicht te krijgen op de impliciete kennis van deze therapeuten omtrent de aanpak van dyscalculie. Dit onderzoek liep in samenwerking met Sig en het COMPahs-onderzoeksfonds. Op basis van twee focusgroepen en twintig individuele interviews met therapeuten concluderen we dat therapie aan lagere schoolkinderen met dyscalculie maatwerk is en er niet één bepaalde methode is die effectief is voor alle kinderen. Het uitbouwen van een therapie op maat van het kind kan gerealiseerd worden wanneer geïndividualiseerd wordt gewerkt op de verschillende rekendomeinen en aandacht besteed wordt aan het zelfbeeld van het kind. Ook door samen te werken met de schoolse context en de thuiscontext krijgt de therapie een meer geïndividualiseerde vorm. Bovendien is het belangrijk dat ook STICORDI-maatregelen op maat van het kind worden gekozen. De resultaten van deze studie kunnen de kennis omtrent effectieve interventies voor lagere schoolkinderen met dyscalculie uit meta-analyses en onderzoeken verruimen, aanvullen maar bovenal relativeren. Prof. dr. Annemie Desoete is docent aan UGent en promotor van de associatieonderzoeksgroep leerstoornissen. Verder is ze lector aan de Arteveldehogeschool en wetenschappelijk medewerker van Sig. Contactadres: annemie.desoete@ugent.be http://www.ekgp.ugent.be/index.php?position=5x1x0&page=ADES Zie ook: Sig - http://www.sig-net.be/content.aspx?l=006.003#Kwalitatief Onderzoek RekenproblemenCOMPahs - http://www.arteveldehs.be/emc.asp?pageId=1867
Eureka heeft meer dan 500 leerlingen met ernstig falen omwille van leerstoornissen geheroriënteerd in een gewone school na een gemiddelde interventietijd van 2 schooljaren. Meer dan 65 % heeft een succesvolle reïntegratie gerealiseerd. De individuele adviezen en begeleidingen kennen een hoge graad van tevredenheid bij de ouders en de leerlingen.
De projecten van Die-’s-lekti-kus vinden een ruime weerklank in het onderwijs en hebben ertoe bijgedragen dat de beeldvorming rond dyslexie en leerstoornissen positief is geëvolueerd. De praktijkgerichte vormingsdagen geven een antwoord op reële noden op het vlak van remediëring en didactiek bij leerstoornissen.
We zetten de missie en de visie achter deze realisties uiteen om te komen tot enkele krachtlijnen voor de toekomst.
Anny Cooreman, Lic. Ped. Wet., is oprichter en coördinator van *Eureka* Onderwijs en Die-'s-lekti-kus. Zij heeft ruime ervaring met diagnostiek en advies bij begaafde leerlingen met en zonder leerstoornissen, remediëring en beleid van remediëring en interventies op school-, klas- en individueel niveau en vakdidactiek rekenen, taal, vreemde talen, wiskunde en wetenschappen en leervakken. Zij treedt op als (praktijk)deskundige op het vlak van sticordi-aanpak bij dyslexie en dyscalculie en dit in de verschillende domeinen en niveaus van het onderwijs. Zij is medeauteur van verschillende publicaties o.a. Ik heet niet dom (Acco), Als Spelling een Kwelling is (De Boeck), Rekentrappers (De Boeck, eigen beheer).
Dr. Steve Chinn founded and ran Mark College, Somerset, UK, a specialist secondary school for boys with dyslexia, for 19 years during which time it won several major awards.
Steve lectures worldwide on dyslexia and maths LD and dyscalculia. He is the author of several books, including 'The Trouble with Maths' which won a TES/nasen award. He has contributed chapters to many books. www.stevechinn.co.uk Dyslexie: van onderzoek naar wetenschappelijk verantwoord handelen. In deze voordracht willen we een overzicht geven van de wetenschappelijke stand van zaken rond dyslexie. In eerste instantie zullen we aandacht schenken aan de definitie van deze leerstoornis en de consequenties voor de diagnostiek ervan. Daarnaast willen we ook de belangrijkste causale theorieen op een rij zetten en ingaan op wat als effectieve ('evidence-based') behandeling wordt beschouwd. Prof. Dr. Pol Ghesquière is hoogleraar aan de KULeuven en actief in volgende onderzoekstopics: leerproblemen, leerstoornissen, zorgverbreding, buitengewoon onderwijs en leerlingenbegeleiding. Hij is wetenschappelijk en maatschappelijk actief o.a. als Supervisor Orthopedagogische Consultatiedienst K.U.Leuven, Voorzitter RvB VCLB-Leuven, Voorzitter Netwerk Leerproblemen Vlaanderen, extern deskundige in diverse commissies van de Vlaamse Onderwijsraad en onderzoeksdirecteur Groep Humane Wetenschappen.
Dyslexie en ICT: van kamermotie tot kabinetsbeleid In deze lezing wordt ingegaan op de politieke aspecten van dyslexie. Hoewel er een rede kennis is in de samenleving van de problematiek rondom dyslexie heeft het enkele tientallen jaren geduurd alvorens er op rijksniveau een start is gemaakt met een samenhangend beleid. Dat heeft er uiteindelijk toe geleid dat onderzoek naar en behandeling van dyslexie opgenomen is geworden in het basisverzekeringspakket. Nieuwe en vernieuwende materialen en aanpakken komen echter mondjesmaat in het onderwijs terecht en de bekostiging vanuit de overheid loopt ernstig achter. Daarnaast verhindert allerhande regelgeving een adequate integratie van de kinderen met ernstige leesmoeilijkheden in het reguliere onderwijs. Ook een door het parlement breed gedragen motie weet slechts een weinig beweging te bewerkstelligen in het beleid. De lezing geeft een goede inkijk in processen die daarbij een rol spelen. Jack Biskop is psycholoog van opleiding. Hij is tevens een geregistreerd mediator. Tijdens zijn ambtstermijn als lid van de CDA-fractie in de Tweede Kamer was hij woordvoerder voor een beter onderwijs. Hij is ondervoorzitter van het Beneluxparlement. Jack Biskop was één van de drijvende krachten achter de kamermotie die het Ministerie van Onderwijs ertoe aangezet heeft de knelpunten voor een brede invoering van dyslexie-ICT hulpmiddelen op scholen in kaart te brengen en oplossingen te presenteren.
|