Overzicht leerproblemen en leerstoornissen | Eureka Onderwijs

Leerstoornissen

Hoe herken ik leerstoornissen bij goed begaafden?

Aandachtsproblemen

  • concentratiestoornissen
  • verhoogde afleidbaarheid
  • vergeetachtigheid en verstrooidheid in alledaagse situaties

Lees, spelling- en rekenproblemen

  • achterstand in lezen, spelling en/of rekenen van meer dan 2 schooljaren (dyslexie, dysorthografie, dyscalculie)
  • bijwijzen met de vinger of potlood bij het lezen, regelmatig de tekst verliezen
  • veel overschrijffouten, traag overschrijven
  • problemen bij het aanleren, onthouden en opzeggen van de tafels
  • moeilijk onthouden van spraakkundige termen en rekenkundige termen hoewel het begrip aanwezig is
  • opmerkelijk veel rekenfouten bij heel eenvoudige bewerkingen terwijl moeilijker redeneringen vlotter gaan
  • omkeringen bij het noteren en lezen van cijfers, breuken, decimale getallen en tweeklanken
  • omkeringen bij het overschrijven van het rekenmachientje

Vreemde talen

  • moeilijkheden bij het leren lezen en schrijven van vreemde talen hoewel het mondelinge taalgebruik na een tijdje zeer goed kan zijn
  • veel moeite om inzicht te krijgen in de spraakkunst (namen van de tijden, vorming van de tijden, toepassen van spraakkunstregels) maar vrij goed woordbeeld
  • heel zwak woordbeeld en goed inzicht in spraakkunst

Taalmoeilijkheden

  • laat beginnen spreken
  • verwarde zinsbouw, hoewel er sprake kan zijn van grote taalvaardigheid
  • opdrachten of mededelingen totaal verkeerd verstaan of verkeerd overbrengen
  • meer dan normale moeilijkheden bij het onthouden en nazeggen van vreemde woorden bv. dyslexie, bibliotheek
  • moeilijk onthouden van links en rechts en van gelijkaardige termen (bv. oost en west, voor en over,...)
  • problemen bij het oproepen van woorden die zeker gekend zijn bv. namen van kleuren, namen van mensen, geschiedkundige en aardrijkskundige namen

Oriëntatie in tijd en ruimte

  • moeilijkheden bij het leren lezen van de klok
  • moeilijkheden bij het hanteren van tijdsbegrippen in het algemeen bv. namen van dagen, maanden van het jaar en seizoenen
  • de tijd slecht inschatten bv. overal te laat komen, tijd voor een toets slecht inschatten, afspraken in verband met uren verkeerd onthouden
  • de weg vinden, begrippen links, rechts, voor, na, boven, onder
  • orde, voorwerpen een vaste plaats geven

Psychomotorische problemen

  • laat leren fietsen
  • moeilijk leren zwemmen
  • niet binnen de lijntjes kunnen kleuren, een schaar moeilijk hanteren, veters niet kunnen strikken
  • gestoorde oog-handcoördinatie die zich uit in een gestoord handschrift en onhandigheid

Orde en structuur

  • alles verliezen (sleutels, brooddoos, zwemzak, ...)
  • zeer wanordelijk werk op papier, geen bladspiegel
  • een boekentas die je regelmatig kunt uitmesten
  • taken vergeten af te geven of te maken, agenda onvolledig ingevuld
  • bij de overgang naar een nieuwe school de lokalen
    niet vinden, de juiste boeken en schriften niet mee
    hebben, niet wennen aan de nieuwe busuren, ...

Geheugenproblemen

  • zie andere rubrieken voor specifiekere problemen (tafels, aardrijkskundige namen, tijdsbegrippen, ...)
  • namen van klasgenoten en nieuwe leerkrachten
  • met veel moeite leren
  • onderdelen van de leerstof die zeer goed gekend
    waren totaal vergeten zijn
  • woordenschat ‘s avonds grondig kennen en er
    ‘s morgens helemaal niets van terechtbrengen

Sociale problemen

  • Faalangst, een laag zelfbeeld als gevolg van de vele problemen op school, weinig zelfvertrouwen, ...
    Elke normale leerling zal wel op een aantal van deze punten
    moeite hebben. Vermoeidheid, zenuwachtigheid, examenangst, ...
    spelen ook een rol. We spreken pas van leerproblemen als er
    een reëel basisprobleem is. De graad van dyslexie of
    aandachtsstoornissen wordt mee bepaald door het aantal kleine
    moeilijkheden die de jongere boven op zijn basisprobleem heeft.

Al deze moeilijkheden komen gelukkig niet bij iedereen met leerproblemen voor. Elke jongere met leermoeilijkheden heeft zijn eigen sterke en zwakke kanten. In de begeleiding komt het erop aan gebruik te maken van de sterke kanten en de zwakke punten tijdig te herkennen zodat de gevolgen ervan beperkt blijven. Het kennen en herkennen van deze grote en kleine problemen door ouders en leerkrachten is een eerste stap tot adequate hulp.